



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Fietswiel of verkeersdebiel?
Begin mei deed een zelfverklaarde ‘kritische massa’, gewapend met trappers en fietsbellen, de pleinen op het Zuid volstromen. Zo’n ‘Critical Mass’ die zich voortbeweegt met trapkracht, daar is Koning Auto vast niet tuk op… TiensTiens ging mee de straat op om de schade op te meten.
The Critical Mass is een beweging van mensen die graag fietsen. Heel banaal zou je denken, maar net de alledaagsheid van hun hobby is waar het allemaal om draait. Voor één keer geen protestgroep die kritiek levert, maar een groep die gewoon de vanzelfsprekendheid van fietsers in de stad wil benadrukken.
Een man in roze jurk en met een trommel op de fiets – hij laat zich Rosa noemen - trekt onze aandacht. Al treedt hij de gangbare verwachtingen uiterlijk met de voeten, toch klinkt alles wat deze lustige fietser te zeggen heeft logisch in de oren. “Wij zijn gewoon fietsers. Niemand is echt leider of aanvoerder van deze gekke bende. Wij willen alleen maar een plaats om te fietsen, een beetje ruimte!”
De deelnemers blokkeren naar eigen zeggen nooit het verkeer met hun acties, want, zo luidt het laconieke argument, “Stel je voor dat iedereen die hier met de fiets is de auto had genomen?”. De logica is zo ontwapenend dat ze kans heeft om enkele boze autogebruikers wakker te schudden: een fietser blokkeert het verkeer niet, hij is verkeer!
Soms lijken we dit inderdaad te vergeten. Tel het aantal terreinwagens eens wanneer je in de file staat, en je waant je zo in de jungle of de Gobi-Woestijn. Het ware niet slecht om deze gemotoriseerde kolonisering van de stad iets meer in vraag stellen.
Wij hopen alvast dat de acties van de Critical Mass een belletje doen rinkelen…
In elk geval wel bij Filip Watteeuw, Gents gemeenteraadslid voor Groen! In De Standaard van 13 mei 2005 stelde hij het onder meer het Gentse fietsbeleid ter discussie: “Investeringen in veilige fietsinfrastructuur zullen weinig impact hebben op het aantal fietsers als het beleid de overmatige aanwezigheid van auto’s niet kan inperken. De grote vraag is of beleidsmensen op alle niveaus het aandurven om, zeker in de stad, de fundamentele keuze te maken tussen de auto en de zachtere mobiliteitsvormen zoals openbaar vervoer en fiets. Zo hypothekeert de stad Gent alle goede inspanningen op het vlak van fietsinfrastructuur door onomwonden te blijven kiezen voor ondergrondse parkeergarages in het centrum van de stad en dus voor nog meer auto’s.”
PASCAL DEBRUYNE
