



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Zuurstof vreet aan waardevol Gents patrimonium
We schrijven 1888. ‘Kunst in de straat’ is het esthetische principe dat door de befaamde bouwmeester J.G. Semey actief in de Gentse straten wordt toegepast.
In een tijd dat het volk opgevoed moest worden voorzag hij zijn neorenaissance villa’s en winkelpanden van moraliserende spreuken en interessante bemerkingen. Deze panden zijn terug te vinden van de Vlaamse kaai tot de Sleepstraat. Ze zijn uniek en beroemd, en getuigen van de welvaart en de mentaliteit van de nieuwe ‘geïndustrialiseerde’ middenklasse.
De getalenteerde Semey bouwde echter ook voor het fabrieksvolk, namelijk: beluiken. De beste van hun tijd. Verschillende onderzoekers namen ze op in de inventaris van waardevolle voorbeelden. De rijen huizen vormen een eenheid en vertonen architectonisch gezien belangrijke elementen.
Je kon Semey’s steegbeluiken gaan bekijken in de Brunel- en de Sikkelstraat in de Brugse Poort. Maar dat was voor de bouwwerken in het vizier lagen van de onstuitbare opmars van de heerlijke vooruitgang …
ARTHUR DE DECKER & TYRON
