



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Boerenmarkt De Toekomst: Gent leeft!
Gent bruist! Het stadsbestuur legt nogal graag de nadruk op het grote en diverse cultuuraanbod in onze schone stede. Gent: gezellige cultuurstad! Dat heet citymarketing. In de praktijk betekent het dat onze stadseconomie wekelijks gevoed moet worden met het geld van een nieuw leger cultuurconsumenten. De stad rekent er immers op dat die cultuurconsumenten na één van de ontelbare optredens nog wat blijven plakken, en dan liefst nog hopen centen over de Gentse balken gooien. Daar is niets op tegen (we kunnen er maar wel bij varen), maar steden doen meer dan bruisen alleen. Want als de bezoekers ervoor zorgen dat steden bruisen, doen de bewoners hun steden leven. Gent leeft! Een mooi voorbeeld daarvan is de boerenmarkt in Sint-Amandsberg.
De initiatiefnemers van de boerenmarkt zijn de leden van het buurtcomité De Toekomst. Zij waren al lange tijd op zoek naar laagdrempelige activiteiten om de buurtbewoners op een aangename manier samen te brengen om hen zo beter van dienst te kunnen zijn. Bovendien leerde de ervaring dat met vragen en ideeën naar het stadsbestuur stappen - en daar het speerpunt van de buurtwerking van maken - veel energie vraagt, en vaak ook erg ontmoedigend kan zijn. Eerdere pogingen om een eigen speelpleinwerking op te starten en een maandelijks buurtcafé uit de grond te stampen, moest het buurtcomité wegens gebrek aan middelen - mensen, centen en ruimtes - afblazen.
Na wat zoek- en denkwerk, en geïnspireerd door de boeken van de Franse boer en andersglobalist José Bové, diende zich drie jaar geleden het idee van een boerenmarkt aan. De stad had net het pleintje tussen de Spijkstraat en de Halvemaanstraat laten heraanleggen en de plek schreeuwde er als het ware om gebruikt te worden.
Anders dan bij gewone markten lag bij dit nieuwe initiatief de nadruk al vanaf het begin meer op het samenbrengen van de buurtbewoners dan op het verkopen van producten. Dat wil natuurlijk helemaal niet zeggen dat de marktkramers en hun koopwaar er niet toe doen. Want het zijn zij die de buurtbewoners de straat op lokken met hun relatief goedkope en vooral verse aanbod aan groenten, fruit, aardappelen, bloemen, zuivel en vlees. Daarvan moet 75% van eigen kweek zijn, 25% mag van andere boeren komen.
Toen De Toekomst drie jaar geleden op zoek ging naar boeren om de markt te bevolken, durfden slechts enkelen de stap te zetten. Een kraam kost namelijk een aardige duit aan concessies - de stadsbelasting gaat per strekkende meter - en succes is bij een nieuw initiatief nooit verzekerd. De mensen van De Toekomst zijn dan ook vrij tuk op hun boeren, want zij zijn degenen die wél dat engagement hebben willen aangaan.
Ondertussen draait de markt behoorlijk goed en proberen de mensen van het buurtcomité door kleine randactiviteiten de sfeer er nog wat meer in te krijgen. Elke laatste zaterdag van de maand wordt er koffie geschonken en de markt kreeg al bezoek van een dansgroep, een djembéband en de paashaas. Opmerkelijke feitjes in de kantlijn zijn de liters verse melk en de honderden eieren die elke marktdag de zuivelkraam uitgaan. Dat komt omdat vooral gezinnen met niet-Europese roots nog vaak hun deegwaren en hun brood zelf klaarmaken.
Naast de sociale functie van de boerenmarkt verdient ook het ecologische aspect ervan de aandacht. Wie het gewoon is in de supermarkt of in een buurtwinkel groenten te kopen, vergeet wel eens de lange, dure en vervuilende weg die ze hebben afgelegd, alvorens ze in de rekken terecht komen. Zelfs bij biologisch gekweekt voedsel is er een punt waarop de voordelen voor het milieu en de consument (geen insectenverdelgers, geen kunstmest...) niet meer opwegen tegen de nadelen van het transport. Daar komt nog bij dat de producent en de consument van voedsel tegenwoordig nogal vervreemd zijn geraakt van elkaar (denk bijvoorbeeld aan melk uit de 'melkfabriek' of hesp van eh... koeien?). Door de keten tussen producent en consument te verkorten, komen de stad en het platteland wat dichter bij elkaar. Iets wat op termijn misschien stimulerend kan zijn voor gelijkaardige initiatieven.
Het bilan na drie jaar: de boerenmarkt heeft misschien een bescheiden, maar zeker een positieve impact op de buurt. En de stad verdient ondertussen - via de belasting op de kraampjes - haar duurbetaalde pleintje terug. Wie wil bijleren, mag: met enige creativiteit, wat doorzettingsvermogen, een lichte ondersteuning vanwege de stedelijke overheid en die portie geluk die iedereen wel nodig heeft, is het mogelijk nieuw of extra leven in een buurt te brengen.
Trouwens: wie zin heeft om te komen dansen, muziek te spelen of eender welke animatie te verzorgen op één van de marktdagen is meer dan welkom. Op die manier vinden er in de toekomst hopelijk nog meer Sint-Amandsbergenaars (en anderen natuurlijk) de weg naar de boerenmarkt.
NATAN HERTOGEN
