Home

TiensTiens

De andere k[r]ant van Gent

This page is a part of an online version of Tiens Tiens.

Edito: De stad van morgen

Hoe plannen we een stad en vooral voor wie? Het zijn fundamentele vragen waarop verschillende antwoorden mogelijk zijn. Die tonen aan dat stadsplanning méér is dan louter technisch beheer van de open ruimte. Sinds 2000 is er het nieuwe stedenbeleid dat alvast één antwoord kiest: stadsontwikkeling op maat van de middengroepen die voor een ‘stedelijke renaissance’ moeten zorgen. Een veelzeggende metafoor overigens; alle anderen vertegenwoordigen dan allicht de ‘duistere middeleeuwen’

 

Hoe dan ook, deze nieuwe aanpak lijkt momenteel vruchten af te werpen: steden beleven hun tweede jeugd waarbij buurten opleven, straten een nieuwe adem vinden, stadskankers trendy lofts worden en brownfieldsites herrijzen als nieuwe middenklassewijken. De leuze van de creatieve middenklasse lijkt eens te meer: stadslucht maakt vrij!

 

De tijd van grote sociale projecten en de daarbij horende bevlogenheid lijkt voorbij. Om toch een deel van de rijkdom die na de kantooruren letterlijk naar de groene verkavelingen rond de steden verdwijnt te behouden hebben stadsbestuurders het geweer van schouder veranderd. Het aloude adagio ‘je vangt geen vliegen met azijn’ indachtig lijken hun stadsplannen tegenwoordig wel uit de weekend-knack te komen. Want wil een stad aantrekkelijk zijn voor de postmoderne bourgeoisie dan zijn grootse projecten van toparchitecten belangrijker dan sociale woningbouw; komen luxehotels voor opvang van asielzoekers; blijken jachthavens te voorzien in een primaire levensbehoefte en worden frietkoten vervangen door sushibars.

 

Maar wanneer we de stad herscheppen naar het beeld en gelijkenis van één bepaalde groep, wat blijft er dan nog over van de diversiteit, de verscheidenheid die toch een essentieel kenmerk is van “stedelijkheid”? Nu lijkt het wel of men de stad wil redden door zijn stedelijkheid te bestrijden. Operatie geslaagd; patiënt overleden? Trouwens, erg billijk is het niet dat zij die gebleven zijn toen de middenklassen in verkaveling en buitenwijk hun sodom-en-gomorra fantasieën over de stad zaten uit te zieken, op het moment dat diezelfde middenklasse de stad herontdekt zomaar bedankt wordt voor bewezen diensten. Want dat is maar al te vaak de consequentie van de politiek waarbij steden middengroepen aantrekken om de kas te spekken: dat zij die al in de te herwaarderen buurten wonen het zich niet langer kunnen veroorloven daar ook te blijven. Om deze groepen te beschermen tegen de brutaliteit van de vrije markt, volstaan de sociale investeringen die op dit moment gedaan worden bijlange niet.

 

Misschien zouden de onderhandelaars die dezer dagen een regering moeten vormen eens kunnen nadenken over alternatieve vormen van regionale fiscaliteit waarbij de gebruikers van de steden eindelijk evengoed hun steentje bijdragen als de bewoners…Want we kunnen toch niet blijven rondjes draaien in de vicieuze cirkel van aantrekken en verdringen?  

DE REDACTIE