



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Ledeberg Leeft!
Just do it is deze keer niet genoeg
Het was op de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie dat schepen Tom Balthazar vol trots aan de inwoners van Ledeberg verkondigde dat het Gentse stadsbestuur de komende jaren 25 miljoen euro zou investeren in Ledeberg Leeft! dat van Ledeberg weer een bloeiende Gentse voorstad moet maken. Kortom, Ledeberg kreeg van het stadsbestuur een fantastisch nieuwjaarscadeau.
Ik weet wel dat je een gegeven paard niet in de bek kijkt. Maar Balthazar en co zouden zich wel eens lelijk kunnen vergissen als ze denken dat Ledeberg Leeft! zo’n zegen is. Met een stedenbouwkundig project bouw je wel mooie steden, maar heb je nog geen vitale samenleving. Daarvoor heb je minstens een even ambitieus sociaal en sociaal-economisch plan nodig. En dat is er niet. Nochtans was zes jaar geleden, bij de start van het project afgesproken dat er ook een sociaal en sociaal-economisch project zouden komen. Vandaag laat het stadsbestuur uitschijnen dat het stedenbouwkundige project voldoende is om de samenlevingsproblemen op te lossen.
Niets is minder waar. Zonder een degelijk, ambitieus en vernieuwend sociaal-economisch plan dreigt Ledeberg Leeft! uit te draaien op één grote desillusie. Zoals de zaken er nu voor staan wentelt het stadsbestuur stilzwijgend de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor het welslagen van Ledeberg Leeft! af op de inwoners. De Ledebergenaars hebben natuurlijk hun verantwoordelijkheid maar kunnen al die inwoners wel samenleven zonder extra sociaal-economische inspanningen van de overheid? Kunnen alle inwoners wel deelnemen aan het Ledeberg dat het Gentse stadsbestuur voor ogen heeft? Door de relatief lage woningprijzen en de plannen rond Ledeberg Leeft! zullen alsmaar meer jonge, blanke middenklassegezinnen er hun intrek nemen. Zij investeren vooral met eigen kapitaal in de stadsvernieuwing. Zo komt er geld vrij voor ook de zwaksten te helpen om bijvoorbeeld hun woningen te vernieuwen. Tot zover geen probleem. Maar in Ledeberg woont ook een grote groep senioren. En de voorstad telt ook heel veel verschillende nationaliteiten. Hoe zien zij Ledeberg? Komt dat beeld overeen met de ‘thuis’ die de nieuwe inwoners voor ogen hebben? En hoe zit het met de toenemende studentenbevolking? Hoe zien zij zich in het plaatje passen? En belangrijker nog, hoe ziet het stadsbestuur al deze mensen in het plaatje passen?
Een samenleving is “een proces dat er naar streeft de voorwaarden te scheppen voor haar eigen voortbestaan, maar dat zo doortrokken is van ingrijpende maatschappelijke en ruimtelijke vormen van instituties, dat het in zichzelf tegenstellingen en paradoxen schept, die moeilijk zijn op te lossen.” Anders gezegd: we proberen er allemaal voor te zorgen dat we zo goed mogelijke kunnen leven en overleven.
We hebben nu eenmaal niet allemaal dezelfde prioriteiten, behoeftes, normen en waarden en dat leidt voortdurend tot spanningen. Om die tot een leefbaar minimum te beperken moet je als overheid twee dingen doen: je richt de openbare ruimte zo in dat iedereen er goed in kan wonen en bewegen én je zorgt voor de nodige sociale structuren, omgangsregels en –faciliteiten die het samenwerken en –leven vergemakkelijken.
Dat is voor iedere overheid en iedere samenleving een blijvende evenwichtsoefening. Het zal nooit voor iedereen goed zijn. Maar een overheid heeft de plicht om de leefbaarheid maximaal te garanderen voor al haar burgers.
Het is maar de vraag of er plotseling meer Ledebergenaars zullen kunnen deelnemen aan het nieuwe Ledeberg dat de stad voor ogen heeft. Het is niet omdat je in die opfleurende omgeving woont dat je plots deel uitmaakt van het sociale weefsel. De armoede, de werkloosheid, de onverdraagzaamheid, het onbegrip, de sociale uitsluiting, ... blijven bestaan ondanks het toch wel indrukwekkende werk van stedenbouw. Je dwingt bijvoorbeeld geen respect af voor de openbare ruimte en voor al je vernieuwingswerken. Want waarom zorg dragen voor de inspanningen van een overheid die niet voor jou zorgt? Je bevordert evenmin het samenhorigheidsgevoel. Het nieuwe Ledeberg is niet van ‘ons’ maar van die andere Ledebergenaars, toch? Je kunt als overheid niet verwachten dat de inwoners die problemen allemaal zelf oplossen. Doe je dat wel, dan zet je jezelf buitenspel en verspeel je je legitimiteit. Gewoon Just do itzeggen tegen je inwoners is deze keer niet genoeg. In het ergste geval komen mensen lijnrecht tegenover elkaar te staan met als enige boodschap: “Als het je hier niet aanstaat, kun je maar beter oprotten.” Urbanisten hebben daar een mooie term voor: “uitzuivering”. Zo dreigt Ledeberg Leeft! een maat voor niets te worden. Dan betalen we met z’n allen misschien 25 miljoen euro voor een mooi maar vergiftigd geschenk.
HANNES COUVREUR
