



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Drugs in de Brugse Poort
“Laat junks straathoekwerk onder mekaar doen”
Drugs. De Brugse Poort in Gent staat er al jaren om bekend. In die mate dat de wijk soms de DrugsePuurte genoemd wordt. Buurtbewoners worden regelmatig geconfronteerd met zwerfspuiten in parken of speeltuinen. Wat maakt dat gebruikers publiek shotten en hoe kan de situatie verbeterd worden?
“Als je het wil hebben over druggebruik in de Brugse Poort ben je hier aan het goeie adres”, valt Kris Dom van Samenlevingsopbouw met de deur in huis. We zitten in het gele appartementsblok aan de Leiekaai. De blokken, die grenzen aan de Groene Vallei, staan hier en daar in de steigers door renovatiewerken.
“Al stel ik wel vast dat het aantal gevonden spuiten sinds het begin van de renovatie hier drastisch naar beneden gegaan is. Van een stuk of 300 naar 100 per jaar. Voordien was het hier een echte hot spot voor gebruikers. Je moet weten, iedereen kan hier binnen langs de externe trappen, van het dak tot de kelder. Via de daken kan je van het ene dak naar het andere. Daar heb je ook nog eens een mooi uitzicht op eventuele politie en veel vluchtwegen. Ideaal voor mensen die zo snel mogelijk willen gebruiken,” aldus Dom.
Overal spuiten
Met de renovatie zullen de externe trappen van de appartementen dichtgemaakt worden en zullen de bewoners enkel nog toegang hebben tot het deel van het gebouw waar ze wonen. De Leiekaai hoopt dat hiermee een eind komt aan het druggebruik in de blokken.
Kris Dom: “Al een geluk dat wij de stielmannen op de hoogte gebracht hadden, want noch de werfleider, noch de huisvestingsmaatschappij had dat gedaan. Die mannen hebben tijdens hun werk afvoerbuizen gevonden waar historische hopen spuiten in zaten.”
“Er is ook een tijd geweest dat de kelder favoriet terrein was”, gaat Dom verder. “Dat was eigenlijk een beetje een informele gebruikersruimte geworden, al mag je dat woord niet gebruiken. Uiteindelijk werd die situatie onmogelijk. Er lagen niet alleen heel veel spuiten, maar het was ook hygiënisch niet meer te verantwoorden. Alle mogelijke menselijke lichaamsvochten lagen daar. Dat was natuurlijk ook niet goed voor het veiligheidsgevoel van gewone keldergebruikers.”
Dom en zijn collega’s van Samenlevingsopbouw proberen de bewoners te sensibiliseren, al blijkt dat soms overbodig te zijn. “Als mensen met de trap naar hun appartement gaan en zij zien daar de uitwerpselen van een druggebruiker liggen, dan is dat natuurlijk een gespreksonderwerp. De lift was ook lange tijd een transit. Op de rooster bovenaan lagen spuiten en pakjes drugs. Soms stond je in de lift met iemand die duidelijk net gebruikt had. Ja, wat doe je dan? Vragen of het lekker was?”
Niet alleen de appartementsgebouwen van de Leiekaai zijn populair bij gebruikers, ook het aanpalende park De Groene Vallei is een plaats die veel gefrequenteerd wordt. Een kleine zoektocht in de bosjes levert meteen een aantal spuiten en ander drugsgerelateerd afval op, zoals blikjes, zakjes en citroenen om de drugs mee te vermengen. “Het is me al overkomen dat ik met mijn dochter in het park ging spelen en een spuit zag liggen”, vertelt een buurtbewoner.” Vrijwilligers zoals Theo van de Leiekaai ruimen spuiten op en inventariseren ze.
Ruilhandel
Publiek gebruiken is iets wat veel junks zelden of nooit doen. Maar voor een aantal groepen is er geen andere optie: dakloze gebruikers die geen huis hebben waar ze naartoe kunnen en gebruikers die niet meer kunnen wachten tot thuis. Kim De Bie, die haar thesis schrijft over zwerfspuiten, ziet nog een aantal andere groepen: “Er zijn mensen die gezelschap zoeken en daar een publieke ruimte voor gebruiken of anderen die net geen gezelschap willen omdat ze bang zijn om hun materiaal te moeten delen. Nog een groep is volgens mij de nieuwe verslaafden. Zij kennen het project Spuitenruil vaak nog niet.”
In Gent kunnen junks die gebruikte spuiten willen wisselen voor cleane terecht bij het Medisch-Sociaal Opvangcentrum (MSoc). In de Brugse Poort kunnen ze meestal ruilen in de Blazoenstraat bij De Eenmaking, een organisatie die gebruikers begeleidt naar de hulpverlening. Toch blijkt dat ene inruilpunt niet echt voldoende.
Liesbet Van Eeckhaut (coördinator van De Eenmaking-ElWahda-Birleşim): “Vroeger was er bij ons een permanentie voor spuitenruil omdat we daar een onthaalmedewerker voor hadden. De middelen daarvoor zijn intussen stopgezet en nu kunnen wij geen permanentie meer garanderen. Die zekerheid is er enkel nog op maandagnamiddag van twee tot vijf. Op de andere momenten is er meestal wel iemand, maar toch. Als iemand uit onze doelgroep twee keer voor een gesloten deur staat, komt die niet meer. Wat schitterend zou zijn, is als de apotheken zouden meewerken.”
Apotheek Batens in de Kettingstraat staat niet meteen te springen om aan spuitenruil te doen: “Ik verkoop nu tien spuiten voor drie euro. Tot een jaar geleden verkocht ik ook aparte spuiten, maar dat was te veel overlast. Er kwamen veel junks want er woonde een grote dealer om de hoek. Soms staken ze gewoon dingen in hun zakken, spuiten of vitamine C. Als er twee mensen voor hen waren, stonden ze al te trappelen. Als ik dan ook nog eens aan spuitenruil zou doen, zouden ze zeker allemaal naar hier komen.”
“Als alle apotheken meewerken, zou er spreiding zijn en dan vervalt de redenering van overlast. Er moet een mogelijkheid zijn om die spuitenruil terug op gang te brengen”, vindt straathoekwerker Jan Batens. “Daar zouden we dan eens moeten over samen zitten met alle apotheken. Het zou sowieso een goed idee zijn om eens een infoavond te houden.”
“Op dit moment zijn er in Sint-Amandsberg, Ledeberg en in het centrum verschillende apotheken die meewerken en dat verloop vlot”, weet Kim Baillius van MSoc.
Overdekte straat
“Naast het opnieuw op gang brengen van spuitenruil, is er in de Brugse Poort vooral nood aan een laagdrempelige ontmoetingsruimte voor gebruikers,” zegt straathoekwerker Jan. “Op de Oude Houtlei bestaat er al zoiets; een overdekte straat waar mensen een babbeltje kunnen doen en een soepje of een koffie krijgen. Daar zijn ze op dit moment overbelast, onder meer omdat er heel veel mensen van de Brugse Poort komen.”
“Zo een plaats waar zij elkaar kunnen ontmoeten en elkaar kunnen steunen, zou echt waardevol zijn. Dat is bijna straathoekwerk onder mekaar. Pas op, het gaat ook gewoon om een dak boven hun hoofd hebben als het regent. Maar ik zou er ook een aantal begeleiders laten aanwezig zijn, mensen met een luisterend oor aan wie gebruikers te kennen kunnen geven dat ze iets willen doen aan hun situatie. In feite het werk van De Eenmaking verder zetten, hen begeleiden naar hulpverlening, maar dan op verplaatsing.”
Liesbet Van Eeckhaut van De Eenmaking: “Wij zijn eigenlijk al erg laagdrempelig omdat onze deur openstaat en je geen afspraak moet maken. Maar wij zijn wel hulpverleners. Als je hier als gebruiker binnenkomt, sta je toch al een stap verder. Terwijl je op zo een ontmoetingsplek gewoon naar je kameraden komt en tot niets verplicht bent.”
Straathoekwerker Jan: “Het gaat hier echt om een restgroep die nergens terecht kan. Ook voor hen moet er iets zijn. Veel van mijn gasten worden bijvoorbeeld geweigerd in cafés omdat ze daar al eens amok gemaakt hebben. Die snakken naar een plaats waar ze permanent terecht kunnen om gewoon even op hun gemak te zitten. En het zou ook rustiger zijn voor de bewoners van de wijk.”
Sperma van de duivel
“Hebben jullie het ook zo warm? Nee zeker?” vraagt Kimberly terwijl ze er samen met drie andere gebruikers komt bijzitten. Haar gezicht is wit weggetrokken en ze baadt in het zweet. Op haar armen hebben blauwe plekken en wondjes de sporen van haar verslaving achtergelaten. Het idee van een ontmoetingsplaats op de straat trekt haar niet aan: “Waarom tussen het zwaarste uitschot gaan zitten als ik thuis kan zitten? Het kan zijn dat ze het gerief zo uit uw zakken rammelen.”
Snel doet ze haar verhaal uit de doeken. Ze was naar Gent gekomen om een nieuw leven te beginnen, maar kwam in hetzelfde patroon terecht. Het begon met xtc en speed. Op den duur moest ze verkopen om elke dag te kunnen blijven gebruiken. “Soms kwamen er mensen bij mij die bruin (heroïne, nvdr) gebruikten. Toen ik ook eens probeerde, kwam eindelijk de rust die ik al zolang nodig had. Die roes na zo lang tegen tweehonderd per uur te leven…
Maar het is het sperma van de duivel. Nu ben ik doodziek als ik niet gebruik. Straks ga ik shotten. Ik moet daar niet fier op zijn. Ik ben zelfs samen geweest met een jongen omdat hij een dealer was. Ik dacht dat ik daar verliefd op was, maar dat had meer met het gerief te maken. Deze morgen zijn ze er binnen gevallen. Hij zit nu in den bak.”
Zelf zit Kimberly nu in het project Proefzorg (zie kader). “Ze hebben bij een huiszoeking één en ander gevonden. Maar het had veel erger kunnen zijn. Ze zijn wel met al mijn soeplepels weg. Bewijsmateriaal.”
Gebruiken op publieke ruimtes? Dat doet ze niet, ze gebruikt thuis. Al is het haar wel eens overkomen dat ze bruin kocht en niet meer kon wachten tot thuis. Dan stapte ze een appartementsblok of een kraakpand binnen. Voor Peter liggen de zaken anders: “Ik heb geen eigen huis, dus gebruiken gebeurt in een cafeetje, in een openbare wc, in een of andere gang, op de trein of de bus, waar het gaat hè.” Robin heeft meer geluk: “Ik heb de chance dat ik een grote vriendenkring heb. Ik kan daar altijd terecht.”
Als het gaat over spuiten laten rondslingeren, ontstaat er discussie. Peter: “Het kan gebeuren dat ik ergens een spuit laat liggen. Ik ga daar niet over liegen. Iemand die zegt dat hij nog nooit een spuit heeft laten liggen, is aan het liegen.” Robin: “Ik heb een jaar geshot, maar dat was altijd binnen.” Peter: “Ja maar, ik bedoel als je het gewoon bent buiten te gebruiken...”Robin: “Ja, in die tijd liet ik mijn spullen ook staan, maar dat waren altijd fleskes of zakskes.”
Naarmate de tijd vordert, groeit het ongeduld. Vooral Kimberly kan niet langer wachten. “Van gisteren zit het al in mijn hoofd: morgen ga ik achter bruin gaan, morgen ga ik achter bruin gaan. En je krijgt dat er niet meer uit…” En weg zijn ze.
LIEN DE COSTER
Meer info?
De drugtelefoon: 078/15.10.20
Gent staat bekend om zijn progressief drugsbeleid. Deze projecten zijn ontstaan op basis van die niet-repressieve aanpak.
Project Proefzorg
- start: augustus 2005
- op parketniveau (bij opsporing en vervolging)
- bij feiten gepleegd door verslaving
- vb: verstoring openbare orde, detailhandel voor persoonlijk gebruik
- korte Proefzorg: doorverwijzing naar hulpverlening
- lange Proefzorg: doorverwijzing naar hulpverlening en opvolging traject
Pilootproject Drug Courts
- start: mei 2008
- overgewaaid uit de Verenigde Staten
- gespecialiseerde kamers op correctioneel niveau (in de rechtbank)
- samenwerking tussen rechter en hulpverlener
- hulpverlening en onderzoek start gelijktijdig
- behandeling vóór veroordeling mogelijk
