



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Over Walen en andere kwalen
In Arm Wallonië reist journalist Pascal Verbeken in het spoor van het half miljoen Vlaamse economische vluchtelingen dat op het einde van de 19e eeuw -het tijdperk van ‘Arm Vlaanderen’- een nieuw leven probeerde op te bouwen in het geïndustrialiseerde zuiden van het land.
Verbekens fascinatie voor Wallonië begon al toen hij als kleine Gentenaar zijn eerste vakanties doorbracht bij familie op het Brabantse platteland. “Dat waren witloofboeren die akkers hadden in Waals-Brabant. Toen we in augustus in alle vroegte naar de velden reden, kwam ik telkens weer onder de indruk van de enorme weidsheid en leegte van het landschap. Dat heb ik nog steeds: zodra ik de taalgrens oversteek, krijg ik lucht. Vlaanderen is in vergelijking met Wallonië een heel drukke, gespannen regio.”
> Verstokte stedenliefhebbers als we zijn, vroegen we de auteur eerst naar de gelijkenissen en verschillen tussen Vlaamse en Waalse steden.
Verbeken: “Steden als Charleroi en La Louvière lijken heel erg op Gent. Ik zie weinig verschil tussen de Brugse Poort of Heirnis en arbeidersgemeenten als Marchienne-au-Pont, Damprémy en Marcinelle bij Charleroi. Je komt telkens in hetzelfde oer-Belgische decor van rode bakstenen huizen, betonnen muurtjes en achtertuinen vol koterijen. Voor een Vlaming lijkt Nederland veel vreemder, zelfs exotischer dan Wallonië. In Terneuzen, 25 kilometer van Gent, voel ik me echt in het buitenland, in La Louvière kom ik thuis.
Waalse steden hebben meestal wél een veel sterker industrieel verleden dan de Vlaamse – ik maak nu even een uitzondering voor fabrieksstad Gent. In Charleroi, bijvoorbeeld, heb je langs de Samber een ongelooflijk uitgestrekt industrieterrein met de ene imposante fabriekskathedraal naast de andere. Daar waan je je nog altijd in de 19de eeuw. En er zijn ook de terrils die het landschap domineren. Waar je ook staat in Charleroi, overal zie je wel zo’n enorme berg steenkoolafval op plekken waar ooit een steenkoolmijn stond.
Het belangrijkste verschil tussen de Waalse en Vlaamse steden lees je in werkloosheids- en armoedestatistieken. De Waalse steden zijn er veel slechter aan toe dan de Vlaamse, dat is absoluut geen cliché. Achter de ronkende pr-slogans van het Marshall-herstelplan voor Wallonië zit nog altijd een inktzwarte realiteit. In twee jaar trek je niet recht wat tientallen jaren fout gelopen is.”
> Waaraan zou je die achterstand toeschrijven?
Verbeken: “Voor een groot stuk is Wallonië het slachtoffer van zijn noodlottige industriële erfenis. Honderd jaar geleden was Wallonië nog de derde belangrijkste industriële macht ter wereld, gebouwd op steenkool, staal en glas. Alleen Groot-Brittannië en de Verenigde Staten waren nog grotere industriële reuzen! Heel Europa kwam in de Waalse industrie werken: Hongaren, Tsjechen, Russen, heel veel Italianen en vooral honderdduizenden Vlamingen. Nog later kwamen de Turken en Maghrebijnen. Dat Eldorado is op een paar decennia tijd in elkaar gestort, samen met de steenkooleconomie. Om een idee te geven: de voorbije dertig jaar verdwenen in Le Centre, de regio rond La Louvière, 60 000 jobs – we spreken over een agglomeratie van iets meer dan 200 000 inwoners. Dat is een sociale atoombom. Vervolgens heeft men te lang gewacht met investeren in nieuwe economieën met toekomst. De grote Belgische holdings, denk aan de Société Générale, hebben Wallonië als een lege schil laten vallen nadat Wallonië hen steenrijk gemaakt had. Het is zoals in het nummerYoungstown van Bruce Springsteen over de teloorgang van een staalstad in Ohio: ‘Once I made you rich, rich enough to forget my name.’ Dat is exact wat er gebeurd is met Charleroi, Seraing, La Louvière en de Borinage-dorpen.”
“Dat de crisis zo lang blijft duren in de grote agglomeraties is de verantwoordelijkheid van abominabel bestuur. Een stad als Charleroi, bijvoorbeeld, werd sinds de fusies van gemeenten in ’77 tot 2006 geregeerd door de PS die er een absolute meerderheid had. De macht van de politici was gebaseerd op cliëntelisme: je geeft een stem aan een politicus en dan kan je iets in ruil krijgen. Bijvoorbeeld een duwtje op een wachtlijst voor een sociale woning of één of andere uitkering. Dat systeem heeft voor een groot immobilisme gezorgd. In sommige gemeenten van de Carolorégienne heerst echt een middeleeuws feodalisme met heren en horigen. Alleen zijn de heren geen edellieden meer, maar plaatselijke politieke baronnen. Wat ook speelt is de enorme concurrentiestrijd tussen de Waalse steden onderling: Luik tegen Charleroi of Namen tegen Bergen… Dat heeft ook te maken met de veeleer wakke Waalse identiteit. De gemiddelde Waal voelt zich in de eerste plaats betrokken bij zijn regio en zijn stad – hij is Luikenaar of Carolo – pas in tweede instantie is hij Waal of nog vaker: Belg."
Vlaamse Leeuw
> Wat is uw mening over de Vlaams-nationalisten die uw boek aanraden?
Verbeken: “Ze lezen selectief en recupereren alleen wat hen goed uitkomt, vooral mijn kritiek op sommige PS-besturen in de oude industriële regio’s. Op die manier proberen ze mijn boek in te schakelen in hun beeldvorming dat Wallonië een hopeloos mismeesterde regio is waar toch niets mee aan te vangen valt. Dat is een zeer veralgemenende karikatuur om te pleiten voor separatisme.
Ik ben geen enkele politiek taboe uit de weg gegaan, maar ‘Arm Wallonië’ is zeker niet in de eerste plaats een harde politieke analyse. Het is een zeer menselijk boek met getuigenissen van Walen die zich met vallen en opstaan door het leven slaan, net zoals de Vlamingen. Alleen maakt het wel degelijk een groot verschil of je geboren bent in La Louvière of in Brugge, omdat de sociaal-economische context zo verschilt. Tijdens mijn reis heb ik altijd gedacht aan het motto van commissaris Maigret van Simenon: 'Begrijpen, niet oordelen'. Dat laatste gebeurt in onze communautair opgehitste media en politiek al genoeg.”
> Een belangrijke leidraad in uw boek is de migratie van Vlamingen naar Wallonië. Zijn daaruit lessen te trekken voor de hedendaagse migratieproblematiek?
Verbeken: “Er zijn grote gelijkenissen. De ongeveer 500 000 Vlamingen die naar Wallonië trokken, waren economische vluchtelingen: mensen die in eigen streek geconfronteerd werden met werkloosheid en naar het beloofde land trokken om een nieuw leven te beginnen. De lotgevallen van die Vlamingen lijken heel erg op wat latere migranten als de Italianen, Turken en Marokkanen meemaakten. Zo gingen de Vlamingen samenwonen in concentratiewijken. In La Louvière had je de wijk Hocquet, vlakbij het station, met tientallen Vlaamse cafés, met een eigen verenigingsleven, duivenmelkers, kaarters en carnavalisten, met eigen sportclubs enzovoort. In Charleroi waren Louvy, Taillis-Près en La Docherie echte Vlaamse bastions, 80 tot 90 procent van de bevolking was daar Vlaams. Je kan die wijken vergelijken met de Turkse buurt aan de Dampoort vandaag. Een belangrijk verschil is dat de Vlamingen vanaf de tweede generatie volledig ‘gewalloniseerd’ waren. Heel vaak zijn de kinderen van Vlaamse migranten zelfs fervente Walen geworden die carrière gemaakt hebben in de politiek en de vakbond. Het Vlaamse verenigingsleven is dan ook heel snel verdwenen. Je zou er geen Vlaamse Leeuwen hebben zien uithangen om Tom Boonen aan te moedigen bij het wereldkampioenschap wielrennen. Maar wanneer vandaag het Italiaanse nationale elftal speelt, hangen Charleroi en La Louvière vol met Italiaanse vlaggen. Hetzelfde met de Turken, ook zij laten hun identiteit nog heel sterk bepalen door het land van herkomst."
> Waren de Vlamingen van plan om nog terug te keren?
Verbeken: “Voor Vlamingen was terugkeren geen optie omdat Vlaanderen er zo slecht aan toe was. We zijn dat allemaal vergeten, maar in de 19de en begin 20ste eeuw was Vlaanderen een black point in Europa. Uit de keuringsverslagen van het Belgische leger uit die periode blijkt dat de gemiddelde Vlaamse rekruut een grote fysieke achterstand had ten opzichte van de gemiddelde Waalse rekruut. Dit was het gevolg van slechte woonomstandigheden, slechte voeding en armoede in het algemeen.
Niet alleen sociaal en materieel gingen de immigranten er in Wallonië sterk op vooruit maar ook mentaal was de migratie een grote schok. De Vlaamse dorpen werden nog bestuurd door de drievuldigheid van meneer pastoor, meneer de burgemeester en meneer de notaris, misschien nog aangevuld met meneer doktoor. De Vlamingen die deze wereld verlieten, kwamen soms terecht in het meest progressieve politieke experiment van dat moment in Europa: het socialisme, later het communisme. Dat zie je ook op de kerkhoven: Vlamingen die geboren zijn in Ninove of Geraardsbergen, maar op wiens grafstenen geen kruis staat, maar wel een hamer en een sikkel.”
Socialisme zonder arbeiders
> Wat betekent het socialisme in Wallonië nu nog?
Verbeken: “Het Waalse socialisme valt niet te vergelijken met het Vlaamse socialisme. Het Waalse socialisme is gegroeid vanuit de fabrieken, en daarmee bedoel ik fabrieken als Cockerill, met 40 000 werknemers. In Vlaanderen was er vaak nog een persoonlijke band tussen de industriëlen en het werkvolk. Dat zorgde ervoor dat veel conflicten met compromissen opgelost werden. Het Waalse socialisme is eerder een combattief socialisme dat groot geworden is door zeer zware conflicten met het patronaat. Dat merk je nog altijd: een Waal die ouder is dan 50 en socialistisch stemt, wantrouwt en haat doorgaans het patronaat. In Wallonië ben je ofwel liberaal, ofwel socialist. Het water daartussen is enorm diep. Bij de verkiezingen van vorig jaar is er voor het eerst in de politieke geschiedenis van Wallonië een transfer geweest van kiezers van de PS naar de MR. In dat opzicht waren het echt historische verkiezingen. De PS heeft niet alleen haar leidersrol verloren, een deel van haar electoraat is ook naar de MR overgelopen.”
> Zijn de scherpe politieke tegenstellingen ook zichtbaar in de ruimtelijke structuren van Wallonië?
Verbeken: “In Wallonië is de botsing tussen arm en rijk veel heftiger dan in Vlaanderen. Soms liggen twee werelden vlak naast elkaar. Er zijn deelgemeenten van Charleroi zoals Marchienne-au-Pontwaar je in een vierde wereld terechtkomt met een humanitaire crisis die al decennia lang aansleept. Amper vijf kilometer verder kom je in Gerpinnes, een soort Sint-Martens-Latem, waar Albert Frère, één van de rijkste Belgen, woont. Dezelfde dualiteit tref je ook aan in Seraing: er zijn de buurten langs de Maas, waar de gebroeders Dardenne hun films draaien, met een miserabilisme dat we ons in Vlaanderen niet meer kunnen voorstellen, maar amper twee kilometer verder heb je Sart-Tilman,Plainevaux of Boncelles: residentiële, groene plekken. Die botsing vind ik heel erg typisch voor Wallonië. In Vlaanderen heb je een veel grotere middenklasse en zijn de sociale verhoudingen meer gladgestreken. Er is een grote groep van mensen die het goed hebben, zonder daarom bijzonder rijk te zijn. In Wallonië zijn er veel meer arme mensen, maar aan de andere kant ook gemeenten als Chaumont-Gistoux of Lasne in Waals-Brabant die tot de rijkste van België behoren.”
> Is het Vlaamse socialisme dan succesvoller geweest dan het Waalse?
Verbeken: “De Vlaamse socialisten hebben zowat het kleinste electoraat van alle socialistische partijen in Europa. Volgens de laatste peilingen stemt nog amper 14 procent van de Vlamingen voor de sp.a. De PS is nog altijd dubbel zo groot, al is ook daar de terugloop groot: in de jaren ’80 stemde meer dan 44 procent van de Walen nog PS. Mijn boek gaat onder meer over de onstuitbare opkomst van het socialisme in de 19de eeuw en de diepe identiteitscrisis waarin het vandaag beland is, zowel in Wallonië als in Vlaanderen. De hamvraag die ook een man uit Seraing in mijn boek zich stelt, is: ‘Wat is de toekomst van een traditionele arbeiderspartij in een wereld zonder arbeiders?’.
De sp.a heeft het oude strijdsocialisme ingeruild voor een pragmatisch socialisme van ‘goed bestuur’. Dat heeft ook tot vervaging geleid: de sp.a redt het niet meer als vertolker van de sociaaldemocratie. Op dit moment zit de partij in een zeer fundamentele existentiële crisis die veel verder gaat dan de vraag of de generatie Gennez wel genoeg gewicht heeft."
> Wat heeft uw rondreis bijgebracht over het cliché van de ‘verdraagzame Waal’ tegenover de ‘xenofobe Vlaming’?
Verbeken: “Wallonië wordt door de Waalse media en politici steevast voorgesteld als een complexloze, multiculturele regio zonder grote problemen tussen autochtone Walen en nieuwkomers als Turken en Marokkanen. Dat zou dan ook het grote verschil zijn met Vlaanderen, waar je die tegenstelling wel aantreft. Dat Waalse zelfbeeld klopt niet: van de Borinage tot Luik ben ik overal op exact hetzelfde angstgevoel en onbehagen gebotst over de multiculturele samenleving als in Vlaanderen. Alleen is er geen partij die oor heeft naar die onvrede. In Charleroi verzamelt het Front National veel proteststemmen – bijna 17 procent in 2004 – maar dat blijft een ongeorganiseerde white trash-partij die op gewestelijk niveau niets voorstelt. Er is ook geen fatsoenlijke rechtse of linkse partij die van samenlevingsproblemen een verkiezingsthema durft te maken. Maar ik weet zeker dat een politieke partij die in Wallonië de mislukking van de multiculturele idealen als hét thema naar voren schuift gemakkelijk 20% behaalt.
Ik ben de laatste tijd weer vaak bij Walen thuis geweest in het kader van de verfilming van mijn boek: wel, meestal duurt het geen tien minuten of het gesprek gaat over buitenlanders, altijd in een problematische context. Ik vergelijk het met wat ik hier in Vlaanderen hoorde in de jaren ’80 en ‘90. Een stad als Charleroi is een gasbel die klaar zit om te ontploffen. De mensen hebben nu het gevoel dat ze niet gehoord worden. En als ze iets durven zeggen, krijgen ze meteen het etiket racist opgekleefd, maar het zijn geen racisten. Het zijn gewoon mensen die hun wijk op enkele jaren tijd enorm hebben zien veranderen en daar machteloos tegenover staan. Het café op de hoek is weg, het buurthuis is weg, de winkels zijn dicht. ‘We durven ’s avonds niet meer buitenkomen,’ hoor je overal. Aan de andere kant heb je de groep allochtonen die evenzeer met gevoelens van verlies kampt. Als er één partij oren naar zou moeten hebben, is het de PS, want al die onvrede zit bij haar achterban. Dat is één van de belangrijkste fouten die de sp.a heeft gemaakt in Vlaanderen. Waar is het Vlaams Belang eerst groot geworden? Waar zijn vandaag de salafisten in opmars? In de dieprode wijken van Antwerpen.”
ELIAS VLERICK & ANNEMIE CAUTAERTS

Geachte redactie, Iedereen
Geachte redactie,
Iedereen heeft vrijheid van denken omtrent deze versmelting van 3 gewesten en een gemeenschap. Het minste wat wij met dit project willen realiseren is dat wij als 4 afzonderlijke entiteiten kunnen streven naar een betere samenwerking tussen de overheden, evenwichtiger zonder gewestgrenzen en zonder verdeeldheid opnieuw naar elkaar toegroeien.
Huidige toestand,
België is een federale staat, samengesteld uit de gewesten en gemeenschappen.
België word momenteel gestuurd door zes regeringen, een federale, een Vlaamse, een Waalse, een Brusselse, een Duitstalige en een regering voor de Franse gemeenschap.
Een kaakslag voor het federale systeem is dat de regionale regeringen niet langer symmetrisch lopen met die van de federale bestuursploeg. Een politiek immobilisme versterkt een constitutionele verlamming voor de federale staat tot gevolg. Dit systeem is goed op weg naar een confederale staat waar deelgebieden boven de federale regering beslissen wat zij samen nog willen ondernemen. Waar is de solidariteit onder de Belgische bevolking gebleven? Is het waarheid dat de toenemende macht van politieke partijen verantwoordelijk met gedrevenheid een verscheuring van een kleine natie willen bewerkstelligen?
Mijn persoonlijke reden tot actie,
Een jaar geleden was ik met vrouw en dochterlief naar Spanje. Tijdens onze terugreis was er op de Franse nationale zender een debat aan de gang betreffende België en de toenadering van Wallonië tot Frankrijk. De debatterende Franse politici mochten hun visie weergeven over de twee toekomstige Franstalige gewesten. Brussel als Europese hoofdstad was hun trofee, maar wat moesten zij met Wallonië?
Hun idee was om het separatisme in het Waalse en Brusselse gewest evenals het separatisme aan Vlaamse zijde fel aan te wakkeren met als doelstelling de splitsing van België. Op deze manier zou Frankrijk de Europese hoofdstad Brussel als financieel centrum van het land kunnen claimen en tja hun idee was Wallonië koloniseren met al het uitschot uit hun voorsteden. Magnifiek idee riep de presentatrice, we beginnen alvast met een affiche-campagne "Libérer Brussel". Ik stond perplex, moest even met de auto aan de kant. De uitzending van dit debat had mij diep getroffen. Dit mag alvast NIET gebeuren.
Als wij de huidige politieke impasse in dit land evalueren vandaag met haar 100 jaar oude communautaire discussies over de kloof tussen Vlaanderen en Wallonië betreffende transfergelden, dan staat een confederaal systeem aan de voordeur van België. Vlaanderen overleeft niet in een confederatie met als gevolg dat wij opnieuw de armen openen voor een verenigd koninkrijk der Nederlandstaligen.
Belgisch project,"Versmelting 4 gewesten"
Laat ons beginnen met 4 entiteiten samen tegen alle vormen van geweld te zijn, een statement die onze gewesten en gemeenschappen op gelijk niveau brengen zonder communautaire discusies. 4 gewesthanden (3 en een duitstalige gemeenschap), worden door kunstenaars ontworpen en omgezet in chocolade. De doelstelling van deze 4 chocoladehanden betreft het samenbrengen van de chocoladen handen te hoofdstad Brussel om te versmelten tot een éénheid tegen alle vormen van geweld.
De 4 kunstenaars van de 4 entiteiten ontwerpen een Belgisch symbool tegen alle vormen van geweld, maken een mal van het nieuw symbool en plaatsen die onder de versmelting van de gewesthanden teneinde de kracht van de 4 versmolten entiteiten op te vangen en te bundelen in een krachtig Belgisch symbool. Met dit statement gaan wij België niet veranderen maar elke kleine stap tot verbondenheid is een grote stap tegen verdeeldheid. Laat dit alvast een positief voorbeeldsignaal zijn in de goede richting voor België als toekomstig voorzitter van de Europese unie.
In dit belangrijk initiatief die van iedereen is om dat het iedereen aanbelangt te leven in een geweldloze samenleving, hoop ik toch zo veel mogelijk Belgen achter dit initiatief te scharen om het opkomende separatisme de kop in te drukken.
De peters voor Vlaanderen zijn dhr federaal volksvertegenwoordiger Ludwig Vandenhove en dhr federaal volksvertegenwoordiger Stefaan VanHecke. Peterschap Brussel dhr Vlaams volksvertegenwoordiger Sven Gatz. Wallonië laat nog niks horen, Oost-kantons voorlopig ook nog niet. peters, meters en Ambassadeurs zijn volledig vrij in samenwerking, zonder enige vorm van verplichting. Het enige dat ik hen vraag is dat wij allen samen een goede communicatie uitbouwen zodoende het welslagen van het initiatief in belang van ons land en de bevolking te bekomen.
Chocoladebedrijf met Belgische chocolade,
De financiële bijdrage voor het maken van de chocoladen handen en de realisatie van het eigenlijke doel, "het proces van versmelting" is in dit initiatief bijzonder klein voor een geëngageerd Belgisch chocoladebedrijf dat streeft net als wij voor het behoud van ons land.
Bij deze nog mijn mededeling dat de gipsen hand van Vlaanderen tegen het Belgisch voorzitterschap van volgend jaar zal worden herbewerkt met de Belgische driekleur in synergie met het symbool van de Europese unie.
In bijlage (foto's van de chocoladehand van Vlaanderen ter beschikking), voor een verkennend (vrijblijvend) gesprek mail to
Met vriendelijke groeten Enca Caen,
Ambassadeur vredesgemeente Merelbeke.