



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Vergeet voor één keer...
‘Vergeet voor één keer hoeveel geld een miljoen is.’ Iedereen kent toch de verzuchting van charmezanger Louis Neefs?
Om iets te kunnen doen aan de toekomst, moeten we eerst het verleden bestuderen. Er is één detail in het komen en gaan van gebouwen in de stad dat me altijd al is opgevallen: verkrotting treedt altijd eerst op waar de kwetsbaarheid het grootst is. Al eens gelet op het aantal hoekhuizen dat langzaam maar zeker stond te verkrotten en als een rotte kies wachtte op algehele verwijdering?
Volgens mij is het een feit: weer en wind tasten hoekhuizen sneller aan dan andere. Lieg ik of zijn het mijn ogen?
Ik merk alleszins dat doorheen de jaren heel wat hoekhuizen in onze stad verkommerden en uiteindelijk werden afgebroken en vervangen door een afschermend staketsel voor een reclamebureau. Daarop kan de voorbijganger of automobilist dag in, dag uit die stoere nieuwe wagen bewonderen of een leuk ogende dame die ons weer iets nieuws tracht te verkopen… Ondertussen wordt hun oog onttrokken aan het echte probleem: de verkrotting.
Er zijn altijd wel illustere heren en dames geweest die met nieuwe ideeën naar voren kwamen. Zelf loop ik al heel lang rond met deze stupide gedachte: waarom maken we van al die vervallen, gesloopte en door reclame ingepalmde hoekpanden geen stukjes groen? Toch een mooi groenidee, als je kijkt hoe prachtig de paaslelies bloeien op slanke stroken groen langs de boulevards en hoe verleidelijk ze ons wijzen op de komst van de heerlijke lente? En let maar eens op hoe her en der in de buurt bloembakken de grijze vensterbanken versieren.
Ja, ik loop er al heel lang mee rond, met dat gekke idee… Maar is het wel zo stom als het lijkt? Droom even met mij mee in de stede van Gent en laat je ogen dwalen langs de vele straten… Verwijder met één pennetrek ieder hoekhuis in verval. Verwijder met nog wat meer Tippex elke reclameboodschap die dat ergerlijke braakliggende hoekje verbergt. En laat dan de jonge (of oudere) heren en dames graffitikunstenaars de achterstaande blanke gevels beschilderen met prachtige taferelen. Laat ons een boom en wat gras planten in die stenen woestijn van de stad. Ik had gedacht: één boompje dat precies het ter ziele gegane hoekhuis zou vervangen… geflankeerd door een tafel met bankjes om van de ruimte een ontmoetingsplaats te maken.
Eureka… voor een heropleving van de buurt in kleine stappen?
Iedere straat zijn eigen kleine stukje park waar het gezellig toeven is en toch zo dichtbij. Kleinschaligheid verkozen boven grootschaligheid.
De vraag is: waarom kan zo’n initiatief eigenlijk niet lukken?
Een minuscuul parkje op iedere hoek van de Brugse Poort zou het uitzicht van de stad alvast grondig veranderen en verbeteren. Of is al dit kleurrijke groendenken dan toch een illusie waar wij graag mee leven, terwijl de harde werkelijkheid blijft draaien rond het woord ‘geld’?
ERIK LIPPENS

