



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Interview: Kyoto in de achtertuin
Milieuproblematiek lijkt vaak een ‘ver-van-mijn-bed-verhaal’. Toch buigen iedere dag talloze mensen en verenigingen zich over onze leefomgeving. Als ledenorganisatie voor de Gentse milieuverenigingen is het Gents Milieu Front (GMF) hét aanspreekpunt om te weten te komen hoe het gesteld is in Gent. Een interview met Stefaan Claeys en Steven Geirnaert.
> Jullie proberen mensen bewust te maken en beter te informeren over het milieu. Willen jullie vooral wegen op het beleid of richten jullie de pijlen eerder op de individuele consument?
GMF: “Beide. In de Milieuadvieswinkel op het Maria Hendrikaplein kunnen Gentse bouwers en verbouwers terecht voor gratis milieuadvies. Het stadsbestuur financiert een deel hiervan. Het doel is om mensen duidelijk te maken dat investeren in milieuvriendelijk wonen rendeert.
Het is belangrijk dat mensen zo vroeg mogelijk advies inwinnen. Eens de bouwplannen concreet op tafel liggen, kunnen enkel nog details worden gewijzigd. We hechten veel belang aan onze consumentenwerking. Via die individuele dienstverlening dragen we bij tot de bewustwording van een breed publiek. Het effect van individuele bewustwording is wel moeilijk meetbaar. Zolang we maar enkelingen bereiken zal het effect voor het milieu nooit groot zijn. Daarom dringen we bij het stadsbestuur aan op meer middelen voor promotie, zodat we heel veel mensen kunnen bereiken.
Daarnaast volgen we diverse milieuadviesorganen om onze stempel op het beleid te drukken. Soms leggen we het vuur aan de schenen van onze broodheren. We analyseren milieuvergunningen en openbare onderzoeken en voorzien die van gefundeerde commentaar. Op die manier ontdekken we nalatigheden en eisen we extra inspanningen, wat ons bijvoorbeeld bij Sidmar is gelukt.”
> Voor ‘de gewone mens’ ligt de schuld van milieuvervuiling vooral bij dergelijke grote bedrijven. Hij zou zelf niet veel aan de vervuiling kunnen veranderen. Klopt dat?
GMF: “Dat beeld is niet langer correct. De protesten van weleer tegen bedrijven die lak hadden aan milieuregels waren terecht. Maar door de groeiende bewustwording en een strengere wetgeving zijn bedrijven schoner geworden. Daarin hebben ze zwaar moeten investeren.
Je zou versteld staan hoe zwaar je als individu weegt op het milieu. Een individuele bewustwording is de uitdaging voor de toekomst. Afvalpreventie is een duidelijk voorbeeld. Ons voorstel om het aantal gratis bezoeken aan het containerpark te halveren, dwingt de mensen na te denken over hoe ze minder afval kunnen produceren. Dit bewustwordingsproces kost meer moeite dan met de vinger te wijzen naar de vervuilende industrie, maar het milieu belangt iedereen aan. Via verschillende acties willen we de Gentenaars overtuigen dat werken aan het milieu begint bij henzelf.”
> Jullie dienden een afvalpreventieplan in bij schepenen Decaluwe en Termont. Wat kan beter?
GMF: “Stad Gent heeft nog een lange weg af te leggen wat afvalpreventie betreft. Het opstellen van een degelijk afvalbeleidsplan wordt op de lange baan geschoven. Hierin speelt de gewrongen relatie tussen het stadsbestuur en IVAGO een rol. Hoeveel afval er geproduceerd wordt, maakt IVAGO als semi-private onderneming niet uit, zolang de verbrandingsoven maar rendeert. Daardoor gaat te veel belastingsgeld naar afvalophaling en te weinig naar preventie. Preventie is economisch nochtans logischer. Wat het stadsbestuur ‘verdient’ aan vuilniszakkenverkoop is slechts één achtste van de totale verwerkingskost, de rest moet de stad uit eigen zak betalen.
Een ander actiepunt is het verkleinen van de enorme luierberg. We geven daarom ook advies aan jonge ouders. Ieder kind met katoenen luiers spaart één ton restafval uit. We hopen dat stad Gent het gebruik van herbruikbare luiers stimuleert via premies, zoals dat in Leuven het geval is.”
> Jullie zitten in de gebouwen van het GMF met de neus op het station. Ideaal dus om het debat over de ontwikkeling van de Sint- Pieterswijk op de voet te volgen.
GMF: “Het GMF heeft niets tegen de modernisering van het station, maar stelt zich vragen bij de intensiteit van de plannen. Het grootste pijnpunt is de megaparking voor bijna 3000 auto’s. Dit is het dubbele van het aantal parkeerplaatsen op de Vrijdagsmarkt én het Zuid samen. De geplande R4-link kan al deze auto’s niet slikken. Veel verkeer leidt automatisch tot een verhoging van het fijn stof.
Maar in het milieurapport wordt hiermee geen rekening meer gehouden, omdat Gent sowieso de norm heeft overschreden. Als we bij het stadsbestuur geen gehoor krijgen, stappen we naar de Raad van State of naar Europa. Het GMF stelt realiseerbare alternatieven voor die minder overlast veroorzaken, maar het stadsbestuur sluit koppig de ogen. Een zinvolle piste is volgens ons het promoten van het openbaar vervoer aan de rand van de stad door treinstations in Flanders Expo en naburige gemeenten te heropenen.”
Een andere plaats waar economie en ecologie rechtstreeks met elkaar in aanraking komen is de haven. Havenschepen Termont ging in zijn nieuwjaarstoespraak prat op de milieuvriendelijkheid van de Gentse haven. GMF: “Positief zijn de inspraakmomenten die de stuurgroep Gentse Kanaalzone organiseert rond nieuwe ontwikkelingen. Maar we hebben ook kanttekeningen. We pleiten voor een efficiënt gebruik van de ruimte. Je hoeft geen nieuw kluizendok te bouwen terwijl duizend hectare industriebied in privé-eigendom braak blijft liggen. Het havengebied herbergt heel wat zeldzame planten, ondanks de zware vervuiling. We pleiten voor ‘propere bedrijven’: bedrijven die zuinig omgaan met ruimte en afval. Er zijn plannen om zulke ondernemingen te verenigen op de Arbed site.”
> Stel dat men jullie zou vragen om de milieuvriendelijkste stad van Vlaanderen te nomineren. Zou Gent naast zijn titel van gezelligste stad ook die bekroning in ontvangst mogen nemen?
GMF: ‘Zo eenvoudig is dat niet. In de grotere steden is ook de grote industrie gevestigd en komen mensen uit de naburige steden werken.
Zij zijn dus per definitie al ‘milieuonvriendelijker’. Je kunt wel op zoek gaan naar de stad met de beste milieukwaliteit en de kleinste ecologische voetafdruk*. Gent heeft inderdaad een goede naam en zou voor zo’n prijs in aanmerking kunnen komen. Dat hebben we te danken aan een goed werkende milieudienst met voldoende mankracht, die ruimte biedt voor nieuwe ideeën. Maar niet te vroeg juichen, er blijft nog werk aan de winkel!”
ARIANE DE VRIENDT
Meer info:www.gentsmilieufront.be
Agenda: ‘Big Jump in de Coupure!’, 16 juli
Een werkpunt: regenwater is geen afvalwater Regenwater hoort niet thuis in het waterzuiveringsstation aan de Drongensesteenweg.
Pompsystemen, beton en wachtbekkens zijn niet langer nodig als het hemelwater naar de waterlopen kan afgevoerd worden. Een gesprek met buurtbewoners over de oprichting van een nieuw rioleringsproject is hierin een eerste stap.
Een pluim: herwaardering waterlopen Reep en Coupure Het openbreken van de Reep zorgt voor meer watercreatie en een betere waterkwaliteit. Natuur kan ook ruimte krijgen aan de Coupure. Een constructie van planken en steenpuin net onder het wateroppervlak verandert de betonnen oevers in een groene oase. Negatief is het gebruik van ijzerdraad in de constructie van groeneilanden: daar kunnen vogels in verstrikken.
Een werkpunt: te veel auto’s in het centrum Parkings lokken auto’s tot diep in de binnenstad.
Fietsstallingen en park-and-ride’s gecombineerd met openbaar vervoer stimuleren mensen om Gent autoloos te bezoeken.
Weg met de fly-over die de autosnelweg tot in het Zuidpark brengt. Een oude boom onder deze gewestweg getuigt van de vroegere omvang van het park dat nu door het beton in twee is geknipt.
Een pluim: het Baudelopark herenigd De straat die het park in tweeën splijt zal snel tot het verleden behoren. Ook de talrijk geparkeerde auto’s verdwijnen op die manier uit het zicht. Hoe minder verkeer in het centrum hoe minder fijn stof.
De enige fijnstofmeter van Gent staat in het Baudelopark. Het GMF ijvert voor meer meters, want het is onduidelijk hoeveel fijn stof waar gemeten wordt.
