



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
De eerste keer stemmen
Op 8 oktober kunnen voor het eerst ook mensen zonder de Belgische nationaliteit deelnemen aan de gemeenteraadsverkiezingen. Het gaat zowel om personen afkomstig uit de nieuwe E.U.-landen als om mensen uit niet-E.U.-landen die hier al vijf jaar verblijven. Eind juni had volgens De Morgen (dd. 26/07/2006) slechts 5,86% van de nieuwe stemgerechtigden in Vlaanderen zich al laten registreren - en registratie is noodzakelijk om naar de stembus te mogen trekken in oktober. Ter informatie: de uiterste datum voor inschrijving was 30 juli. Marino Keulen, Vlaams minister van Binnenlands Bestuur, sprak prompt over een duidelijke desinteresse om deel te nemen aan de verkiezingen. Maar is desinteresse wel het juiste woord om het lage cijfer te verklaren? En hoe kwalitatief verliep de bekendmaking van het pasverworven stemrecht?
Participeren moet je leren
Vanuit het Vlaams Minderhedencentrum werden folders voor de nieuwe doelgroep opgemaakt die besteld konden worden door geïnteresseerde sociale diensten. In Gent bezorgde de Stad een brief aan iedereen die ingeschreven staat in het bevolkingsregister of het vreemdelingenregister. Nog in Gent sloegen verschillende diensten de handen in elkaar om infosessies met tolken te voorzien over het politieke systeem in België en de werking van een gemeente. In enkele maanden tijd werden de nieuwe kiezers ingelicht over hun nieuwe recht, werd verwacht dat ze hun stem als waardevol inzagen voor de komende verkiezingen, dat ze zich op eigen initiatief verder informeerden over ons politieke systeem, dat ze informatie vergaarden over de politieke partijen en hun standpunten en ten slotte dat ze de inspanning deden om zich te gaan inschrijven op de Dienst Bevolking.
Alles samen een hoop verwachtingen die op korte tijd ingevuld moesten worden. In de wetenschap dat zelfs de autochtone Belg zich vaak al niet de moeite getroost om informatie te vergaren om zijn stem doordacht te bepalen, is het niet onlogisch dat het aanspreken en motiveren van de nieuwe kandidaat-kiezers tijd en energie vergt.
Een stem geven aan elke belastingbetalende burger in Vlaanderen, ook de niet-Belgische, is een overwinning van ‘links’ die niettemin op achterdocht botst bij de nieuwe stemmers. Dat lijkt trouwens een algemene trend te worden in België: ook Belgen zijn weinig bekend met de partijprogramma’s en wantrouwen het politieke landschap. Daarbij komt nog dat voor de meeste nieuwe stemgerechtigden ‘stemrecht’ een bijzonder nieuw begrip is.
Stemmen… Een vorm van participeren in een samenleving waarvan ze al minstens vijf jaar deel uitmaken. Kritisch nadenken over wat goed en fout loopt in een land dat hen in eerste instantie niet altijd met open armen heeft ontvangen. De nieuwe stemgerechtigden maken deel uit van onze multiculturele samenleving, maar worden er door sommige autochtone Belgen nog dagelijks op gewezen dat ze ‘niet van hier’ zijn en geen recht hebben om hier te lopen, te werken, te leven. Plots wordt hen gevraagd ‘kritisch’ te zijn, te participeren, hun stem te laten spreken – ook al is dat dan anoniem achter een gordijntje. Velen komen uit een land dat democratie niet hoog in het vaandel draagt, een land waar hun mening niet gehoord wordt, waar beslissingen over de hoofden heen genomen worden, waar politiek onlosmakelijk verbonden is met corruptie. Is het dan nog moeilijk te begrijpen dat het tijd en moeite kost om de nieuwe stemmers het belang van stemrecht te laten inzien, in plaats van het gebrek aan inschrijvingen simpelweg te bestempelen als een teken van desinteresse?
De stem van de kandidaat-kiezers
Mira S., een Kosovaarse van 26, verblijft al zeven jaar in ons land. “Politiek interesseert me niet en heeft me nooit geïnteresseerd”, zegt ze stellig. Toch blijkt al snel dat ze meer uit onwetendheid spreekt dan uit desinteresse. Na een gesprek over stemrecht en een korte omschrijving van het politieke landschap in België denkt ze er ernstig over na om zich toch in te schrijven. Participeren is geen impliciet kenmerk van elke maatschappij, het is een voorrecht dat wij in het Westen hebben opgebouwd. Participeren vraagt om een kritisch-reflecterende geest, en ook dat is niet voor iedereen een evidentie: vergeten we vooral niet de invloed van sekse en cultuur. Het voorrecht om kritisch te kunnen reflecteren is niet in élk land voor man én vrouw zo wijdverspreid als in België.
Ook Mohammed S.A., een 26-jarige Somaliër, heeft zich naar eigen zeggen nooit geïnteresseerd in politiek. Niet in het minst omdat er in Somalië al zestien jaar geen regering is, en hij er zoals iedereen het rechtstreekse gezag van de ‘stamleiders’ aanvaardde. Hier in België groeide echter zijn interesse in politiek. “Het zijn vooral mijn collega’s die me lieten inzien dat verkiezingen belangrijk zijn. Ik werk samen met allemaal Belgische mensen en soms wordt er al eens over politiek gesproken op het werk. De belangrijkste reden waarom ik ga stemmen, is omdat het belangrijk is dat mensen of partijen opkomen voor mijn rechten. En dan heb ik het vooral over mijn rechten als arbeider.” Via politiek bewuste Belgen werd hij beetje bij beetje overtuigd van het belang van verkiezingen, politiek en het concept ‘participatie’. Vijfenhalf jaar nadat hij in ons land kwam wonen, beseft hij dat België een land is van vrijheid: ”Je kunt nee zeggen als je wil, je kunt ja zeggen als je wil. You can vote your own vote.”
J.J., een vrouw van 35 uit Sierra Leone, heeft een nogal aparte motivatie om te gaan stemmen. “Ik werk als poetsvrouw, en zo kom ik in contact met allerlei Belgen. Op een dag zag ik één van de vrouwen bij wie ik schoonmaak op TV. Ik schrok, want ik wist niet dat zij een bekende politica in Gent was. Ze had mij er zelf nooit over verteld. Die vrouw is zo vriendelijk voor mij, ze behandelt mij als gelijke. Zij is de reden waarom ik ga stemmen. Ik ga stemmen op haar en ik heb al zeven vriendinnen overtuigd om zich ook in te schrijven en op haar te stemmen.” Door eenvoudig menselijk contact heeft de politiek voor J.J. een gezicht gekregen, en die vermenselijking is voor haar de belangrijkste drijfveer om te gaan stemmen.
Politiek in de praktijk
Informatie over en interesse voor het politieke landschap in België komen bij de meeste kandidaat-stemmers niet zozeer voort uit de talrijke politieke propaganda, maar uit gesprekken met mensen in België of uit de eigen gemeenschap. De kennis over politieke partijen en hun standpunten is beperkt, hoewel de nieuwe stemgerechtigden wel enkele dingen opvangen uit de actualiteit.
Mohammed S.A. heeft zo zijn eigen mening over het Vlaams Belang. “Het programma van het Vlaams Belang doet me denken aan de manier zoals het er aan toe gaat in Somalië. Daar kunnen arme mensen niet geholpen worden, er is geen uitweg. Hier in België kan je altijd terugvallen op een geldsom die je in staat stelt eten te kopen. Iedereen heeft een beetje dezelfde kansen. Ik werk graag, het is de taak van de man, maar wat als ik op een dag zonder werk val?” J.J. weet dan weer dat Groen! enkele jaren geleden opkwam voor mensen zonder papieren, en daarvoor is ze hen dankbaar. Zes jaar heeft zij in België overleefd, zonder papieren, zonder zekerheid. Ook voor Mohamed S.A. is het vluchtelingenbeleid een thema waar de partijen zich dringend verder moeten over bezinnen. Hij schat dat zo’n zestig percent van de Somalische mensen in België geen papieren hebben. “Veel mensen, gevlucht uit vluchtelingenkampen in eigen land, krijgen de boodschap dat ze niet in België kunnen blijven, maar waar kunnen ze dan wel naar toe? Niet Somalië, niet België.”
Van het eerste contact met België herinneren ze zich vooral de onzekerheid, veroorzaakt door de willekeur van ons asielbeleid. Het is dan ook niet verwonderlijk dat ze spontaan dit onderwerp aankaarten wanneer het over ‘politiek’ gaat.
Wat zouden zij graag willen veranderen in Gent? Mira S. stelt dat België voor haar een goed land is, waar onderwijs en gezondheid goed ingericht zijn. Ook zij kaart het probleem van de mensen zonder papieren aan: het leven in Gent zonder papieren is té hard. J.J. heeft enkele kritische bemerkingen. “De wachtlijst voor het verkrijgen van een sociale woning moet ingekort worden. Een gemiddelde wachttijd van drie jaar is te lang. Huisvesting is te duur in Gent.” Ook het gebrek aan respect kaart zij aan als een dagelijks probleem. Ze zegt dat de zwarte bevolking in Gent hier meer hinder van ondervindt dan andere minderheidsgroepen, omdat zij geen problemen willen en bij conflicten gewoon weglopen – wat uitlokkend zou werken. Mohammed S.A. heeft een idee voor meer verdraagzaamheid. Hij vindt dat de gemeentepolitiek meer aandacht zou moeten besteden aan sport. Sport heeft de kracht om culturen dichter bij elkaar te brengen. Hijzelf is een voetbalfanaat en stelt een soort world cup voor in Gent. “In het tornooi nemen de verschillende gemeenschappen die in Gent wonen het tegen elkaar op, en nadien gaan ze met elkaar in dialoog. Ideeën kunnen uitgewisseld worden, iedereen kan zeggen wat hij wil en niet wil. Als ik dertig jaar word, zou ik graag kunnen zeggen dat alle mensen dichter tot elkaar zijn gekomen, dat een Somalische man kan trouwen met een Belgisch meisje bijvoorbeeld. Dat racisme verleden tijd is. Het is aan de nieuwe, jonge generatie om ideeën te delen, elkaar te respecteren en te communiceren.”
De zogeheten ‘gedesinteresseerde’ nieuwe stemgerechtigden denken wel degelijk mee over het Belgische politieke landschap als ze daar persoonlijk worden op aangesproken. Kritisch denken kan leiden tot participatie. Stemmen is een mogelijk bewijs van geloof in participatie, al houdt het daar natuurlijk niet bij op. In dialoog treden met deze relatief nieuwe burgers vormt de basis voor een echte multiculturele maatschappij, waar mensen samenleven in verschil en gelijkenis. Want zoals J.J. zegt naar een Afrikaans spreekwoord: “A place you live, is a place you call your home.”
INGE DEVUYST
