Home

TiensTiens

De andere k[r]ant van Gent

This page is a part of an online version of Tiens Tiens.

El Alto, de andere kant van La Paz

TT8koen de munter.jpg
(foto: Koen De Munter)

De helft van de wereldbevolking leeft vandaag in steden. Zo ook de overgrote meerderheid van de indiaanse bevolking die vroeger rond het Zuid-Amerikaanse Titicacameer woonde. El Alto, een stad die is opgerezen op de heuvels rond La Paz (Bolivië) herbergt één miljoen mensen, waarvan de overgrote meerderheid inheems is, voornamelijk Aymara en Quecha. Binnen die stedelijke context bestudeert antropoloog Koen De Munter (UGent) wat ‘inheems zijn’ voor de Aymara betekent.

 

Steden hebben vaak een negatief imago terwijl kleine dorpsgemeenschappen vaak worden verheerlijkt. Geldt dat ook voor El Alto en zijn inwoners?

Koen De Munter: “De families die ik volg, denken niet per definitie na over fenomenen als stad en platteland. Wat ze wel voortdurend aankaarten, is dat ze indios zijn en dat ze binnen de stedelijke context willen blijven ‘familie beoefenen’. Ze refereren heel dikwijls naar hoe het was in las communidades, dat is het woord dat zij gebruiken om die inheemse gemeenschappen te benoemen. De Aymara komen nog op alle mogelijke manieren in contact met de dorpsgemeenschappen van oorsprong, maar ook in de stad proberen ze te komen tot wat wij netwerken zouden noemen. Hun verhouding tot de stad evolueert voortdurend, maar de vragen die telkens opnieuw opduiken zijn hoe de inheemse cultuur kan worden voortgezet en doorgegeven in een de stedelijke context en welke politieke positie de Aymara daartoe moeten innemen. Tot voor kort werd de cultuur doorgegeven binnen de families en de communidades. In de grootstad wordt het idee van de gemeenschap uiteengerukt, zo lijkt het. Ze worstelen met de vraag in welke mate er binnen de stad nog een nieuwe, grootstedelijke communidad gecreëerd kan worden. Ze hebben het gevoel dat de cultuur verloren gaat door zaken waarmee ze zich in de stad geconfronteerd zien: de verplichting om in loonarbeid te werken, de rol van geld in menselijke relaties enzovoort. Een informante vertelde me: “Alles wordt hier uitgedrukt in geld. Mijn hele volk zal op den duur één grote stad worden!” Wat ze bedoelde was eigenlijk: heel mijn volk gaat op den duur alles in termen van geld uitdrukken.

Aan de andere kant oefent de stad een grote aantrekkingskracht uit. Aymara trokken naar de stad om de armoede en het barre klimaat op het platteland te ontvluchten. Ze maken constant de balans op en die is zowel positief als negatief. Ze zoeken naar manieren om om te gaan met de confrontatie tussen de westers gerichte levensstijl in de steden en hun eigen tradities.”

 

In sommige Afrikaanse steden is er sprake van een ‘ruralisering’ van de stad. Mensen gaan bijvoorbeeld midden in de stad aan landbouw doen. Hoe is de verhouding tussen de stad en het platteland in Bolivië?

De Munter: “Er zijn veel contacten tussen de inwijkelingen in de steden en de communidades van herkomst. Ze wisselen verschillende goederen uit en op die manier is de stad automatisch aanwezig op het platteland en omgekeerd. In de ommuurde percelen in de stad, waarbinnen mensen hun huizen bouwen, zijn er soms kleine akkertjes te vinden waarop ze aardappelen verbouwen. Maar de meeste inheemsen die naar de stad migreren hebben nog hun gronden op het platteland. Zo onderhouden ze de banden met de familie daar. Ze gaan heel regelmatig terug naar het platteland en betrekken daar een groot deel van hun voedsel. De contacten zijn intens en in geval van werkloosheid worden ze nog meer versterkt.”

 

Verstedelijking lijkt me vooral een reusachtige uitdaging: wat betekent het om mens te zijn en samen te leven op een geconcentreerde manier?

 

Zijn de relaties met het platteland een garantie voor het voortbestaan van het inheemse?

De Munter: “Ongetwijfeld, maar het is vooral een garantie voor het economische welzijn van de Aymara. Oorspronkelijk trokken ze naar de stad om economische redenen, maar nu zie je soms een omgekeerde beweging. Door de onrust van de afgelopen jaren waren er periodes waarin heel Bolivië plat lag door algemene stakingen. Toen hadden de inwoners van El Alto altijd wel de mogelijkheid om terug te vallen op hun gronden op het platteland. De relaties met de communidades zijn echter ook religieus van aard. Aymara trekken naar het platteland voor het vieren van belangrijke levensmomenten. Tegelijk zie je dat het hele complex van rituele religiositeit zich nu ook in de stad voordoet en daar eigen vormen aanneemt.”

 

Moeten we verstedelijking in het Zuiden als een probleem beschouwen? Wat zijn positieve en negatieve kanten van verstedelijking?

De Munter: “Je kunt verstedelijking moeilijk als positief of negatief bestempelen. Het is een tendens die zich overal ter wereld doorzet. Ook de meerderheid van de inheemsen komt in steden terecht. Het stedelijke zet zich bovendien voort buiten de grenzen van de stad, via economische en andere contacten. Verstedelijking lijkt me vooral een reusachtige uitdaging: wat betekent het om mens te zijn en samen te leven op een geconcentreerde manier? Steden hebben enorm veel voordelen en dat hebben de Aymara nu ook ervaren. Ze trokken uit noodzaak naar de stad en werden daar vaak ontgoocheld, maar nu vergaat het hen stilaan beter. Er zijn meer sociale voorzieningen, er komt meer werk... Toenemende individualisering en vervreemding zijn dan wel een feit, maar tegelijkertijd biedt de stad hen een ruimte om daar allemaal over na te denken. Het is dus dubbelzinnig, en in het geval van El Alto komt er nog een belangrijke dimensie bij. Het lijkt erop dat deze ‘stad buiten de stad’ een belangrijke rol kan spelen in het proces van dekolonisering. Twintig jaar geleden waren de steden in Bolivië eerder nog plaatsen waar de rijke blanken zich concentreerden.”

 

El Alto is letterlijk gegroeid als een dreigende vlek tegenover La Paz, dat in de vallei ligt.

 

Steden zijn plaatsen met politiek potentieel?

De Munter: “Ja, ook al is het op dit moment niet heel erg duidelijk waar de Aymara naar toe gaan of willen. Ze worden immers op een versnelde manier geconfronteerd met vragen waar wij enkele eeuwen over gedaan hebben. Wel is al duidelijk dat ze het neoliberale model afwijzen. De oorsprong van de recente politieke omwenteling in Bolivië bijvoorbeeld ligt in El Alto. De stad is letterlijk gegroeid als een dreigende vlek tegenover La Paz, dat in de vallei ligt. De armere wijken, waar de meeste inheemsen terechtkwamen, liggen tegen de bijna verticale wanden van die vallei. Tot tien jaar geleden werd El Alto beschouwd werd als een onbeduidend aanhangsel van La Paz, de formele regeringshoofdstad en de plaats waar alle belangrijke beslissingen genomen worden. De geografische ligging van El Alto is echter nogal knellend voor La Paz omdat zij geen uitwegen heeft naar de luchthaven noch naar de grootste steden. Vanaf de jaren zestig is El Alto bovendien sterk uitgedijd, met als resultaat een miljoen mensen die een gelijkwaardige behandeling kunnen gaan eisen.

De Altenos hebben het voortouw genomen tijdens de politieke protesten van 2003 en zijn er zelfs in geslaagd om de neoliberale president tot aftreden te dwingen. Door wegblokkades op te werpen, werd La Paz afgesloten van de buitenwereld. Het spel is bijzonder scherp gespeeld omdat La Paz zonder benzine kwam te zitten. Een legercolonne tanks heeft zich toen door de centrale wegen van El Alto gewrongen. De inwoners hebben zich tegen die tanks verzet en er zijn veel doden gevallen, waarop een enorme opstand ontstond. De Altenos zijn daarop naar La Paz getrokken om het aftreden van de president te eisen. Niet alleen zijn ze daarin geslaagd, maar ze hebben ook de dochteronderneming van SUEZ, die de watervoorziening in handen had, buiten gekregen. Eind 2005 hebben de Altenos massaal gekozen voor een inheemse president, Evo Morales. Daardoor hebben ze nu het gevoel dat ze zich kunnen organiseren en dat ze een politieke factor van betekenis geworden zijn. Je zag en ziet allerlei organisaties ontstaan om iets te doen waarvan het belang duidelijk de wijk overstijgt. Ze beseffen nu dat ze met El Alto een stedelijke hefboom in handen hebben voor veranderingen in het hele land.”

 

Wat belooft de toekomst voor Bolivië na de politieke omwentelingen van de voorbije jaren?

De Munter: “De regering onder Morales beloofde een project van verdere dekolonisering, maar zit momenteel in de knoop met de hervorming van de grondwet. Morales wil een staat voor alle Bolivianen en wil dus ook inheemse elementen binnenbrengen in de grondwet. Hij wil naar eigen zeggen de regering ‘de geest van de communidad laten uitstralen’, maar de hamvraag blijft hoe hij aan politiek kan doen vanuit een deels inheemse inspiratie. Voor de oligarchen in Bolivië gaat Morales veel te ver. Zij beweren dat hij wil komen tot een inheems gestuurde economie, terwijl hij eigenlijk vooral op zoek is naar vormen van herverdeling en naar een breuk met het koloniale verleden.”

 

MARLIES CASIER EN KOEN DE STOOP